1981
Nederland telt 470.000 werklozen.

In totaal worden 24.801 nieuwe en 151 gebruikte motoren geÔmporteerd.



1982
Dhr. Hans Wiegel wordt Commissaris der Koningin in Friesland.

In totaal worden 19.276 nieuwe en 148 gebruikte motoren geÔmporteerd.



1983
De Honda CX650 Turbo komt op de markt.

In totaal worden 15.847 nieuwe en 95 gebruikte motoren geÔmporteerd.



1984
Op 3 april komt 'Jumping' Jack Middelburg tijdens een wedstrijd op het circuit van Tolbert te overlijden. Egbert Streuer wordt wereldkampioen in de zijspanklasse.

Europese uniformering van het rijbewijs. A voor motoren en driewielers, B voor personenauto's tot 3500 kg en lichte aanhangers, C voor vrachtauto's en lichte aanhangers, D voor bussen en lichte aanhangers, E voor zware aanhangers. De oefenvergunning wordt afgeschaft. Nieuw bij het motorrijexamen zijn de bijzondere verrichtingen.

Door de gemeentelijke herindeling krijgt Friesland 8 gemeenten, ten opzichte van 21 daarvoor.



1985
Egbert Streuer wordt wereldkampioen in de zijspanklasse.

Evert van Benthem uit St. Jansklooster wint de Elfstedentocht op de schaats in 6 uur en 47 minuten.

Invoering Algemene Periodieke Keuring (APK) voor auto's.

Wubbo Ockels is de eerste Nederlander in de ruimte.



1986
Egbert Streuer wordt wereldkampioen in de zijspanklasse.

Evert van Benthem uit St. Jansklooster wint de Elfstedentocht op de schaats in 6 uur en 55 minuten.

De kunstijsbaan Thialf in Heerenveen wordt overdekt.

Gemeenten gaan rijbewijzen verstrekken i.p.v. provincies. De geldigheid van het rijbewijs wordt tien jaar.



1987
Rond half januari zucht Nederland onder een extreme koudegolf. De temperatuur komt op veel plaatsen niet boven -10 graden uit en in combinatie met een flinke wind is het zo onaangenaam dat het KNMI voor het eerst waarschuwt thuis te blijven.

In november wordt begonnen met de productie van de zescilinder 1500 cc Goldwing (1500/6).

Egbert Streuer wint met Bernard Schnieders de zijspanklasse de TT van Assen.



1988
De Superbike-klasse houdt dit jaar voor het eerst een wereldkampioenschap.

Oprichting van de Motorrijders Actie Groep (MAG), belangenvereniging voor motorrijders.

De leeftijdsgrens voor meerderjarigheid verschuift van 21 naar 18 jaar.



1989
Hans Spaan wint in de 125 cc-klasse de TT van Assen.

Het Frysk Orkest en het conservatorium worden opgedoekt en gaan op in het Noord Nederlands Orkest (Groningen).



1991
In Zwickau (Oost-Duitsland) loopt op 30 mei de allerlaatste Trabant van de lopende band. Van deze tweetaktauto zijn er in de vroegere DDR meer dan drie miljoen gemaakt. De laatste gaat rechtstreeks het museum in.



1992
Op 19 januari wordt de pas twintigjarige Fries Falco Zandstra de jongste Europees schaatskampioen aller tijden. Het is de eerste keer dat hij deelneemt aan een internationaal seniorenkampioenschap.

Op 13 april wordt Roermond en omgeving getroffen door een aardbeving met een kracht van 5,7 op de schaal van Richter. In het gehele land was de schok voelbaar.



1993
Openstelling van de Carpoolstrook.

In Nederland zijn 23.324 motoren verkocht, vijf procent meer dan in 1992. Twee van de vijf bezitters van een motor is pas vijf jaar eerder begonnen met motorrijden. Slechts 25 procent van de motorkilometers wordt afgelegd voor woon-werkverkeer, de rest recreatief.



1994
Drs. L.M.L.H.A. (Loek) Hermans wordt Commissaris der Koningin in Friesland.



1995
Oprichting van motorfabriek Voxan.

Op 28 november wordt door de PTT de achtmiljoenste telefoonaansluiting opgeleverd. Het gaat om een ISDN aansluiting bij een tuincentrum in Pijnacker.



1997
Henk Angenent uit Alphen a/d Rijn wint de Elfstedentocht op de schaats in 6 uur en 49 minuten.



1998
Uit onderzoek van de Fryske Akademie blijkt dat Friezen de gelukkigste bevolkingsgroep zijn: 98% is zeer gelukkig tot redelijk gelukkig, 99% vindt het leven zinvol. In Friesland wonen 618.000 mensen.



1999
Drs. E.H.T.M. (Ed) Nijpels wordt Commissaris der Koningin in Friesland.



2000
Onder de naam 'Simmer 2000' vind in Friesland de grootste reŁnie van Friezen ooit plaats. Het drie weken durende evenement trekt tienduizenden Friezen uit binnen- en buitenland naar hun geboortegrond.



2002
Op 1 januari wordt de Euro ingevoerd in 12 van de 15 landen die zijn aangesloten bij de Europese Unie. Een Euro wordt 2,20371 gulden waard.



2004
Het examen voor het motorrijbewijs wordt geplitst in een examen voertuigbeheersing en een examen verkeersdeelneming. 



FMC-voorzitters:

t/m 27-12-1987: J. van der Meulen
26-02-1988 t/m 27-02-1998: A. Radelaar
27-02-1998 t/m 26-02-1999: G. Postma
26-02-1999 t/m heden: E. Bergsma


 

Faillissementen, herstructureringen, dalende werkgelegenheid, hoge rente, begrotingstekorten en dalende koopkracht. Zomaar een greep uit de sombere woorden waarmee Nederlanders in 1981 bijna dagelijks werden geconfronteerd. De economische recessie deed zich in haar volle omvang gevoelen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat voorzitter Van der Meulen de Algemene Ledenvergadering van 1981 opende met een verwijzing naar de slechte economische omstandigheden, waarbij hij de hoop uitsprak dat de deelname aan ritten en evenementen van de FMC er niet te veel van te lijden zou hebben.

Om dit optimisme te onderschrijven werden voor 1981 acht ritten gepland, naast de ritten die de FMC voor derden zou organiseren. Het bestuur had zelfs de euvele moed een nieuwe rit voor dat jaar te introduceren: de 'Dag van Leeuwarden', een open oriŽntatierit die was gepland voor september. Ook nieuw waren de contributie-inning middels acceptgirokaarten en een kopieerapparaat, de laatste bedoeld om de reproductiekosten te verminderen. Ook al was de financiŽle situatie van de FMC niet onrustbarend, de krap tweehonderd leden tellende club moest op de kleintjes letten.

De vergadering van 1981 was de eerste die werd gehouden in de kantine van het Vervoerscentrum. De uitbater van cafť-bar 'Cambuur' had de samenwerking met de FMC beŽindigd vanwege verkeersproblemen bij de rondweg en lawaai tijdens rituitslagen. De nieuwe locatie bood ruimte aan zo'n 130 gasten, er kon gebruik worden gemaakt van een apart rekenkamertje en de prijzenkasten mochten worden opgehangen, kortom, het was uitermate geschikt voor de FMC. Het leek erop dat de economische malaise aan de evenementen van de FMC voorbij ging. De opkomst bij de clubritten was redelijk en personeelsverenigingen maakten veelvuldig gebruik van de expertise van de FMC voor uitstapjes. De Nacht van Leeuwarden trok 240 deelnemers, de Elfstedentocht 1386 en de Friese Wouden Toertocht 92, waarvan 55 motorrijders. Het deelnemeraantal aan de nieuwe rit, de Dag van Leeuwarden, stak hier met 29 auto-equipes mager bij af. De kosten konden maar ternauwernood door de baten worden gedekt. Desalniettemin werd besloten in 1982 de rit weer uit te schrijven. In dat jaar vond er een aantal belangrijke gebeurtenissen plaats binnen de FMC, die de voorbodes zouden blijken te zijn van een geleidelijke verandering van de vereniging. Eind februari werd de heer G.J. Klok in de functie van commissaris lid van het bestuur. Daardoor waren voor het eerst sinds jaren de motorrijdende leden weer in het bestuur vertegenwoordigd. Samen met de heren H.B. Rugenbrink en I. Huitema vormde hij in de loop van 1982 de Motor Activiteiten Commissie (MAC), die van het bestuur alle medewerking kreeg bij het organiseren voor evenementen voor motorrijders. Dat werd dat jaar dan ook gedaan, zij het op zeer kleinschalige wijze. Gedurende het seizoen werd drie ritten uitgeschreven, waaraan gemiddeld acht motorrijders deelnamen. Het MAC vond dit een groot succes en beraadde zich tijdens de winterslaap op plannen voor 1983.

Het bestuur kon zich niet overgeven aan zo'n lange rustperiode. Uit evaluaties van de drie grote ritten was geconstateerd dat er draaiboeken voor de drie grote FMC-evenementen dienden te komen, zodat de organisatie niet elk jaar voor dezelfde problemen kwam te staan en iedereen wist wat er moest gebeuren. Het aanvragen van vergunningen was bijvoorbeeld van groot belang en geen enkele instantie mocht worden overgeslagen. Verder was uit gesprekken met de politie naar voren gekomen dat draadloze communicatie tussen de ritleiding en de begeleidende voorrijders noodzakelijk was. Gelukkig konden bij de Bescherming Bevolking (BB) mobilofoons worden geleend voor gebruik tijdens de Elfstedentocht; de aanschaf van deze apparaten zou een erg dure aangelegenheid worden. Had de Elfstedentocht met bijna 1600 deelnemers de clubkas goed gespekt, de Dag van Leeuwarden had dat niet. Het aantal deelnemers was te laag om de kosten te dekken en daarom werd besloten de rit in 1984 niet meer uit te schrijven. Over de oorzaken van de lage opkomst valt te speculeren: was de markt verzadigd of was de belangstelling voor ritten per auto tanende? Aan de benzineprijs kan het niet hebben gelegen, want die was in 1983 eindelijk iets gezakt. 1983 was ook het jaar waarin voor het eerst sinds jaren weer een motorrijderteam werd afgevaardigd naar de LCC. De drie leden van de MAC, plus drie duo's en de heer P. Heuveling als solorijder, behaalden de eerste plaats en bewezen daarmee dat de FMC op motorgebied nog best van zich kon laten spreken. Inmiddels waren bijna veertig FMC-leden geregistreerd als motorrijder en de MAC-leden deden hun best hen aan de start van ritten te laten verschijnen.

Met deze opleving van motortoerisme ging de FMC haar zeventigste levensjaar in en zou de Elfstedentocht voor de vijftigste keer worden uitgeschreven. Ter ere van beide jubilea werd iets speciaals bedacht. Voor de Elfstedentocht werd een vaantje met de wapens van de FMC en Friesland ontworpen en aan de deelnemers uitgereikt en vanwege de clubverjaardag werd voor de FMC-leden en uitgenodigden eind november een gezellige avond georganiseerd, voorafgegaan door een korte autorit. Beide evenementen verliepen naar eenieders tevredenheid. Dit was niet het geval met de ritten die in 1984 waren uitgeschreven. De opkomst aan zowel de motor- als de autoritten was erg laag. Waren de leden het rijden moe? Nee, dat zal niet het geval zijn geweest. Misschien speelde de economische recessie toch wel mee. De kans te worden ontslagen was erg reŽel, zoals mag blijken uit een werkloosheidscijfer van 800.000. Voor hen die werkloos waren geworden waren ritten luxe-uitgaven waar beter van afgezien kon worden, terwijl de werkenden misschien vast preventief de hand op de knip hielden. Wie zal het zeggen? Maar er was uiteraard ook goed nieuws te melden. Het bestuur had besloten dat er naast ereleden voortaan ook Leden van Verdienste benoemd zouden worden en de heren R.J. Osinga, B.R. de With en J. Hielkema viel deze eer als eersten ten deel. De slechte opkomst van 1984 bleek incidenteel te zijn. De volgende jaren kwamen de FMC-leden net zo trouw of ontrouw als voorheen opdagen. Dat gold echter niet voor de motorrijdende leden. Acht leden van de FMC waren al in de winter van 1985 op pad om te assisteren bij de Elfstedentocht per schaats. Later in dat jaar werden enige ritten gereden, assistentie verleend bij de Wielerronde van Zwaagwesteinde en gekampeerd in het Limburgse Melderslo. Ze hadden het er maar druk mee.

De Schaatselfstedentocht, die door vele miljoenen rechtstreeks op de televisie dan wel door vele tienduizenden in levende lijve vanaf de walkanten werd gevolgd, had een uitermate positief effect op de FMC-variant van die rit. In 1985 deden 1445 motoren en 351 auto's mee, wat ook nog eens aantoonde dat de motor definitief terug was in het toeristisch verkeer. Het jaar daarop, toen er weer een Schaatselfstedentocht werd verreden, kon de gekte niet op. Langs de Friese elf steden rijden was dť vrijetijdsbesteding van 1986 en dat doen in een perfect georganiseerd verband was wel zo makkelijk. Tweede Pinksterdag verschenen 2413 motoren en 368 auto's aan de start, welke door de uitstekende organisatie van de FMC nagenoeg probleemloos de uitdagende route konden rijden. De net 180 man tellende club kon dit evenement natuurlijk niet zonder de onvolprezen steun van overheid en bedrijfsleven tot een gunstig einde brengen, maar de uiteindelijke verantwoording rustte toch op de schouders van een klein groepje mensen. Het waren sterke schouders die dat konden dragen, gesteund door flink wat jaren organisatiepraktijk. De organisator van het eerste uur, de heer L.J. de Vos, kon deze successen van de FMC nog meebeleven. Echter, op 19 september 1987 overleed hij te Assen, op 99-jarige leeftijd. De band met het verste verleden was hiermee echter geenszins doorbroken; de FMC bleef de ooit ingeslagen weg van gemotoriseerd toerisme vol passie vervolgen. 

De 'Tocht der tochten' was niet het enige evenement dat werd georganiseerd. De 'Verkeersveiligheidsrit' deed zijn intrede, evenals de door de MAC op papier gezette 'Drie ProvinciŽn Toertocht'. De routebeschrijving van deze zelf te plannen toertocht kon tegen betaling van de FMC worden afgenomen, naar voorbeeld van andere motorclubs. De Verkeersveiligheidsrit, een rit met opdrachten en valstrikken op het gebied van verkeersveiligheid, werd verreden door 22 auto-equipes. Dit was een bemoedigend aantal en de rit werd in de volgende jaren herhaald. Hiermee trok de FMC de aandacht van de overheid. In het kader van een stimuleringsplan om het aantal verkeersslachtoffers met vijfentwintig procent te reduceren, ontving voorzitter Van der Meulen uit handen van Commissaris der Koningin H. Wiegel op 13 november 1987, namens de minister van Verkeer en Waterstaat mevrouw drs. N. Smit-Kroes, een cheque ter waarde van É 2.500. Lang kon de voorzitter echter niet van deze opsteker genieten. Zo'n anderhalve maand later overleed hij. De FMC verloor in hem een markante en gedreven persoon en een persoonlijkheid die velen binnen de vereniging tot voorbeeld had gediend en respect had verworven van zowel leden en niet-leden. Hij liet een gat achter dat niet makkelijk was te vullen.

Het was een aparte beleving voor de FMC-leden. Vijfendertig lange jaren had Van der Meulen een plek aan de bestuurstafel gehad en in woord en daad grote invloed gehad op de dagelijkse gang van zaken binnen de FMC. Het op de Algemene Ledenvergadering van 1988 gedane voorstel van de vice-voorzitter, de heer M.S. Smink, Van der Meulen postuum tot erelid te benoemen werd dan ook unaniem aangenomen. Tevens werd het voorstel de Verkeersrit dan wel een wisselbeker naar de overleden voorzitter te vernoemen in overweging genomen. Het bleef even in het ongewisse wie de nieuwe voorzitter van de FMC zou worden. Smink had aangegeven slechts tijdelijk de functie van voorzitter op zich te nemen. Op de ALV werd nog niet tot verkiezing van een nieuwe voorzitter overgegaan, wel tot de benoeming van de heren G. Buising en A. Radelaar als respectievelijk vice-secretaris en commissaris. Radelaar werd voorzitter van de MAC en later in het jaar vervulde hij de rol van voorzitter van de FMC. In 1989 werd dat voorzitterschap op de ALV geformaliseerd. Een laatste ingrijpende verandering die op de ALV van 1988 plaatsvond was de verhoging van de contributie van É 10,- naar É 20,-. Penningmeester P.J.J. Taal kreeg zodoende de mogelijkheid meer clubactiviteiten dan voorheen financieel te ondersteunen. 

De MAC had grootse plannen voor de motorrijdende leden van de FMC. Er was een uitgebreid rittenprogramma gemaakt, welke voor de motorrijders meetelden voor de toercompetitie. Meer dan tien ritten werden uitgeschreven en daarbovenop kwamen nog een keer een kampeerweekeinde, de KNMV-dag te Assen en de begeleiding van de eerste 'Friesland Triathlon'. De autorijdende leden werden niet vergeten, maar de spoeling werd wel dunner. Niet verwonderlijk, aangezien ondertussen 122 van de 220 leden motor reden. Het zwaartepunt was aan het verschuiven. Dat werd nog eens overduidelijk bevestigd op Tweede Pinksterdag, toen 2450 motoren en 325 auto's aan de Elfstedentocht meededen. Voor de tweede keer reden Solexen de tocht, 76 van deze nostalgische voorstellingen oproepende tweewielers waren in 1988 ingeschreven. Al met al leken de in 1982 ingeluide veranderingen hun beslag te krijgen. De FMC volgde de ontwikkelingen in de vrijetijdsbestedingen en kwam zo steeds dichter bij haar oorspronkelijke doelstellingen.

Alhoewel het aantal uitgeschreven ritten en de deelnemers daaraan fors stegen, daalde het aantal leden. In 1990 stonden slechts 168 namen op de ledenlijst, waarvan 110 als motorlid te boek stonden. In 1991 was het ledenaantal op een dieptepunt geraakt: 156 leden waren trouw gebleven aan de club. Deze daling werd waarschijnlijk veroorzaakt door enerzijds het opzeggen van leden en anderzijds de weinige aanmeldingen van nieuwe leden. Dit laatste was mogelijk te wijten aan het imago van autoclub dat de FMC nog steeds met zich meedroeg. Intern werd daar trouwens heel anders over gedacht. Reeds in 1990 merkte een lid op dat er beduidend minder aandacht werd besteed aan autoactiviteiten. De markt voor oriŽntatieritten was verzadigd en slechts de grote, klassieke ritten van de FMC stonden nog open voor automobilisten. Het bestuur beloofde hierop in het clubblad meer aandacht te schenken aan de oriŽnteringssport. Maar de buitenwacht was schijnbaar nauwelijks op de hoogte van de verandering die de FMC had ondergaan en daarom duurde het even voordat er zich veel nieuwe leden inschreven. In 1992 was het ledental gestegen tot 232, waarvan een kleine veertig autoleden. Een aanwas van bijna tachtig leden in een jaar was lang niet slecht. Toch werd er een informatiefolder gemaakt waarin de FMC zich duidelijke voorstelde als motor- en autoclub. Die combinatie bleef, zij het dat de verhoudingen waren omgekeerd.

Dat die ommekeer voor wat betreft gemotoriseerde recreatie definitief was te noemen, bleek wel uit de meer dan vierduizend motorrijders die in 1992 deelnamen aan de Elfstedentocht. Daartussen vielen de 229 auto's niet op. De teruggekeerde populariteit van de motorfiets was goed af te lezen aan de statistische gegevens over 1993. Toen steeg de motorverkoop spectaculair, was tweevijfde van de motorrijders slechts vijf jaar eerder begonnen met hun hobby en werd vijfenzeventig procent van de verreden kilometers op recreatieve wijze afgelegd. Een motor bezitten en berijden was weer in en de motieven van de moderne berijders en berijdsters zullen niet veel anders zijn geweest dan die van hun voorgangers uit 1914: motorrijden was en is gewoon leuk.

De grote belangstelling voor recreatief motorrijden had echter ook zijn keerzijde. Friesland mag dan geen last hebben van overbevolking en de daarmee samenhangende verkeersproblematiek, meer dan vierduizend motoren die tegelijkertijd gebruik willen maken van dezelfde route is de goden verzoeken. Andere weggebruikers hebben immers net zoveel recht op die weg en het milieu moet ook worden ontzien. Redenen te over voor de overheid om paal en perk te stellen aan de Elfstedentocht. Vanaf 1993 mochten er 'nog maar' 3600 motoren deelnemen. Tel daar nog een kleine tweehonderd auto's en Solexen bij op en voeg daar toeschouwers en wielrenners aan toe. Die grote horde mensen en voertuigen passen slechts met veel kunst en vliegwerk op de mooie Elfstedenroute en dan moet er ook nog ruimte overblijven voor de hulpdiensten. De FMC moest derhalve van de politie maatregelen treffen om de doorstroming te optimaliseren. Minder deelnemers en kosten voor de verplichte maatregelen zorgden in 1994 voor het eerst sinds lange tijd voor een negatieve begroting. Aan een verhoging van de contributie naar É 30,- viel niet te ontkomen, terwijl ook kostenbesparende maatregelen nodig waren. Het ledenaantal bleef gelukkig een stijgende lijn vertonen: in 1994 was de driehonderd gepasseerd en in 1995 pronkten 418 namen op de ledenlijst. 

Voor die nieuwe leden werd elk jaar een kennismakingsavond georganiseerd. Op die manier werden nieuwe leden, die immers niet alleen uit Leeuwarden afkomstig waren, snel wegwijs in de vereniging. Op dergelijke avonden stelde het bestuur zich voor en werd het jaarprogramma doorgenomen. Op dat jaarprogramma was voor ieder wat wils te vinden. Middagritten, dagritten, nachtritten, een avondvierdaagse, ritjes door de provincie en ritten die meerdere provincies aandeden, kampeerweekeinden, technische avonden en kletsavonden, de leden van de FMC hoefden zich niet te vervelen. Aan degene die aan het einde van het jaar de meeste ritten op zijn of haar naam had staan en aldus de toercompetitie had gewonnen werd de 'Jan van der Meulen-wisselbeker' uitgereikt. De nachtrit die de FMC zelf organiseerde, de Nacht van Leeuwarden, boette aan populariteit fors in. Deden in 1993 nog bijna honderd deelnemers aan dit evenement mee, in 1996 waren dit er slechts zeventig. Het evenement nog langer organiseren werd te kostbaar en in 1997 werd de rit dan ook niet meer uitgeschreven. Ondanks de economische voorspoed onder het paarse kabinet was niet alles mogelijk voor de vereniging; penningmeester A. ter Haar moest streng blijven.

De MAC bleef elk jaar een groot scala aan activiteiten voor de leden organiseren. Zo waren er in 1998 maar liefst 21 ritten en evenementen waaraan de FMC-leden konden deelnemen. Aan het begin van datzelfde jaar werd, na bijna tien jaar, voorzitter Radelaar opgevolgd door de heer G. Postma. Radelaar werd ter waardering van zijn inzet benoemd tot lid van verdienste. Lid van verdienste B.R. de With werd voor zijn langdurige ijver benoemd tot erelid. Postma droeg reeds het volgende jaar de voorzittershamer over aan de heer E. Bergsma, die de FMC het zeventiende lustrumjaar in leidde. Op 30 juli 1999, op de dag af vijfentachtig jaar na oprichting, vierde de FMC een groot feest op het Veronicaschip. Daarnaast werden de Stichting Fybrose, voor taaislijmpatiŽnten, en de Stichting Humanitas bedeeld met zeer royale schenkingen uit de FMC-kas. De schenkingen werden aangewend voor respectievelijk een zomerkamp en Sinterklaascadeaus. De enige domper op de feestvreugde was een flinke verkeersopstopping op de toevoerroute van de Elfstedentocht. De in 1999 gebruikte startlocatie was nieuw en voldeed qua omvang geenszins. Het bestuur trad in onderhandelingen met de gemeente om een geschiktere locatie. Voor 2000 werd het FEC-terrein toegezegd, een locatie die voldoende mogelijkheden bood.

De FMC bleef groeien. Stond de teller aan het einde van het lustrumjaar op 439 leden, een jaar later waren dit er al 474. In het nieuwe millennium werd de FMC-internetpagina gepresenteerd. Voortaan konden ook niet-leden op de hoogte blijven van het reilen en zeilen van de FMC. Aankondigen en verslagen konden in onverkorte versie en met foto's ondersteund door geÔnteresseerden worden geraadpleegd en dit gebeurde dan ook veelvuldig. Eveneens in 2000 werd de FMC een MAG-ondersteunende motorclub. De in 1988 opgerichte Motorrijders Actie Groep (MAG) behartigt de belangen van motorrijders daar waar die in de verdrukking dreigen te komen. Deze niet-commerciŽle vereniging kon, na uitleg over de doelstellingen en werkwijze, op de sympathie van de FMC rekenen. Voortaan zou de FMC de MAG zowel financieel als in natura ondersteunen. Dit laatste bijvoorbeeld door artikelen van de MAG in het clubblad op te nemen.

In 2001 werd Nederland en andere Europese landen getroffen door de zeer besmettelijke veeziekte mond- en klauwzeer (MKZ). Uit angst voor verspreiding van het virus werd een vervoersverbod van vee afgekondigd en recreatieve bezoekjes aan het platteland werden niet op prijs gesteld. De uitbraak van de ziekte in de buurt van Dokkum en de afzetting van een groot gebied daaromheen, nog los van de maatschappelijke verantwoordelijkheid die het FMC-bestuur droeg, waren aanleiding de Elfstedentocht af te gelasten. De vele FMC-vrijwilligers moesten met man en macht aan de slag om de reeds ingeschreven deelnemers op de hoogte te kunnen stellen van het besluit. De motorrijders die hun startkaart reeds hadden betaald kozen er bijna allemaal voor die te behouden en waren dus zeker van een startplaats in 2002. Tweede Pinksterdag 2001 was een vreemde, lege dag, temeer daar ook de Fietselfstedentocht was afgelast. Gelukkig werd rond de zomervakantie heel Nederland weer vrijgegeven en konden de motorrijdende FMC-leden nog de nodige kilometers afleggen, bijvoorbeeld in de Drie ProvinciŽn Tocht. 

De MAC, ooit opgericht om de motorrijdende leden binnen de op autoritten georiŽnteerde FMC toch enige activiteiten te kunnen aanbieden, werd eind 2002 opgeheven. De taken van de MAC werden teruggebracht binnen het bestuur. Feitelijk was hiermee de situatie van 1914 weer in ere hersteld, ook al zal niet iedereen zich dat gerealiseerd hebben. Het ledental overschreed inmiddels de vijfhonderd, welk blije nieuws het bestuur aan het begin van 2003 aan de leden meedeelde. Ander goed nieuws, maar van een geheel andere orde, was het besluit Lid van Verdienste Anne Radelaar te benoemen tot erelid van de FMC. Paul Taal trad, na 24 jaar bestuurslid te zijn geweest, terug als bestuurslid en werd benoemd tot Lid van Verdienste. Voor 2003 waren wederom genoeg ritten uitgezet om zowel leden als niet-leden flink aan hun trekken te laten komen. De weergoden waren de motorrijders dat jaar meer dan gunstig gezind. Wolken waren er nauwelijks te bespeuren, laat staan dat daar regen uit viel. Het was zelfs zo warm en droog dat enkelen de lust tot motorrijden verging. Maar ook aan die mooie lange zomer kwam een einde en, de motoren de nodige rust gunnende, kon de FMC zich opmaken voor haar achttiende lustrum.

Op haar negentigste verjaardag kan de FMC met trots op haar verleden terugblikken. Veel heeft de club meegemaakt. Schaarste als gevolg van de Eerste Wereldoorlog, hatelijke automobilisten, de economische crisis van de jaren dertig en de volle last van de Tweede Wereldoorlog. Daarna kwamen de moeilijke jaren van de wederopbouw, die uiteindelijk resulteerden in economische voorspoed en de transformatie van de FMC tot autoclub. De economische terugval van de jaren tachtig was tevens het tijdsvak waarin de motorfiets als recreatiemiddel werd herontdekt. De FMC was, mede door de Elfstedentocht, haar contact met motorrijders nooit helemaal verloren en uiteindelijk voerde het aantal motorrijdende leden weer de boventoon. De periodes van tegenspoed werden door de leden met veel liefde voor de club overwonnen, de periodes van voorspoed werden door diezelfde leden met veel plezier beleefd. Onder die leden zaten bekwame bestuurders, maar ook bekwame rijders. Het competitieve element is altijd zeer belangrijk geweest. Ten bewijze daarvan bevinden zich in de prijzenkasten van de FMC vele nationale en internationale trofeeŽn en ook heden ten dage bestaat er een interne toercompetitie.

De negentig jaren historie zijn voor de huidige FMC geen last. Integendeel, veel van de hierboven beschreven gebruiken binnen de FMC, zoals de kennismakingsavonden en de wisselprijs voor de clubcompetitie worden nog steeds in ere gehouden. Maar ook het clublogo is niet wezenlijk anders dan in 1914 en de herzieningen van de spellingsregels hebben geen invloed gehad op de clubnaam. Verder handhaaft de FMC op toeristisch gebied een traditie door het jaarlijks uitschrijven van het evenement dat de FMC nationaal en internationaal op de kaart zette: de Elfstedentocht. In dit jubileumjaar zal deze rit voor de 69e maal worden uitgeschreven en ongetwijfeld weer vele duizenden deelnemers en toeschouwers trekken. Had De Vos in 1914 kunnen bevroeden dat uit het groepje enthousiaste motorrijders aan de toog van het 'Oranje Bierhuis' ooit zo'n gezellige, bekende en grote motorclub zou voortkomen? Vermoedelijk niet, maar hij heeft het wel bijna allemaal zien gebeuren. Het zal hem zeker een glimlach hebben ontlokt. Evenmin als De Vos dat in 1914 kon, kunnen wij ons nu een voorstelling maken van de FMC over tien of meer jaar. Maar ťťn ding is wel zeker: de Friesche Motorclub laat zich niet zomaar van de weg drukken!